Categorie

Inspiratie

Categorie

Mijn leven op 24 september 2014: Ik hang aan de telefoon met de woordvoerder van de politie om te bepalen of ik die avond aan ga schuiven bij Jeroen Pauw of bij Humberto Tan. Opsporing verzocht heeft de dag ervoor de zaak van Stefan behandeld en de telefoon staat roodgloeiend. Ik ben onderdeel van een mediaplan. Alles om de buitenwereld duidelijk te maken dat het echt, echt, echt om een vergissing ging. Ik werk er met liefde aan mee. Het kost me behoorlijk, maar dit beeld moet ik rechtzetten. Niet alleen voor Stefan, maar ook voor onze zoon.

Als ik de telefoon ophang gaat de bel, mijn moeder doet open. Als ze terug mijn appartement inkomt zie ik aan haar serieuze gezicht dat de bel niet zomaar ging. “Er staat een Marokkaanse jongen voor je op de stoep.” In mijn hart weet ik al wie het is. Zijn naam gonst al weken door de lucht bij de pers. Het is “het doelwit”, de jongen om wie het allemaal te doen was. De andere kant van de vergissing. Ook hem heb ik vervloekt, net als de rest van de mensen die betrokken zijn bij deze wereld.

Een gek soort rust overvalt me. Ik knik geruststellend naar mijn moeder. Het is okay. Ik loop naar mijn voordeur en trek deze open. Er staat een jonge jongen. Ik schat hem niet ouder dan 21. “Ben jij Janke?” Ik knik en hij noemt zijn naam. Voor ik wat kan zeggen, barst hij in tranen uit. Tranen die je niet kan spelen. Ik zie echt verdriet. Echt berouw. Iets waar ik al weken naar op zoek ben geweest, maar niet gevonden heb. Hij komt niet uit zijn woorden. Ik hoor hem zeggen hoe erg hij het vindt, dat hij er niks van begrijpt, dat hij me wel op moest komen zoeken om zijn excuses aan te bieden, dat hij zoveel spijt heeft.

Ik kijk naar de jongen die ik in mijn hoofd zo ontzettend verketterd hebt, de jongen die onbedoeld zo’n grote rol in mijn leven is gaan spelen. Ik kijk naar hem en zie zoveel pijn en verdriet. Ik zie een jongen die nog zoveel anderen dingen kan doen met zijn leven. Ik zie iemand die er net zo weinig van begrijpt als ik. Ik hoor hoe hij vraagt hoe het met mij gaat. Hij vraagt naar onze zoon. Hij zoekt zijn woorden en probeert deze er door zijn tranen heen uit te duwen.

Nu ben ik degene die niet uit mijn woorden kan komen. Al mijn boosheid verdwijnt als sneeuw voor de zon. Hij kon er niks aan doen, hij heeft geen wapen op Stefan gericht, hij heeft in dit verhaal geen gruwelijke fout gemaakt. Ondertussen lopen bij mij ook de tranen over mijn wangen.

Het gesprek duurt nog geen 10 minuten. 10 minuten die voor mij, ook al wist ik dit op dat moment niet, van onschatbare waarde zouden zijn. 10 minuten waarin we niet over de inhoud of de oorzaak spreken, maar alleen over het heden. Als we allebei geen woorden meer hebben om te benoemen, vaar ik op mijn gevoel.

Ik zet een stap naar voren en sla mijn armen om hem heen: “Dank je wel dat je gekomen bent!”


Janke Verhagen (36) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm verloofd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.

Hoewel ik er stiekem wel ergens op gerekend had, kwam het toch nog onverwacht: een lelijke reactie op het online magazine. Natuurlijk ben ik overtuigd van de toegevoegde waarde, natuurlijk heb ik mijn passie gevonden, natuurlijk ben ik blij dat ik de ruimte en de luxe heb om volle bak voor iets te gaan waar ik altijd al van droomde. Daarom doet zo’n hatelijke reactie me toch altijd meer dan ik van te voren kan inschatten. “Daar sta ik wel boven!” denk ik dan altijd.

En dat lukt uiteindelijk ook wel, maar het kost even tijd. Het is niet niks als iemand tegen je zegt dat je “misbruik maakt van de dood van je man, daar een slaatje uit wilt slaan dus je zal wel niet van hem gehouden hebben!” Sorry?! Mijn eerste ingeving is in de pen klimmen en deze persoon eens even flink de waarheid zeggen. Vertellen over hoe ik heb geworsteld met dit soort vraagstukken, hoe ik geprobeerd heb het iedereen naar de zin te maken en vooral eerlijk om te gaan met de dood van Stefan.

Ondertussen ben ik wat jaartjes ouder en wijzer, en neem ik even de tijd om na te denken voor ik reageer. En dan reageer is vaak helemaal niet meer. Mensen mogen wat vinden van Het is om te Janke. Als je iets opschrijft, dan mogen mensen daar een mening over hebben. Dat zijn eerlijke regels volgens mij, die ik belangrijk vind om in acht te houden, ook al kan ik me totaal niet in die mening vinden. Dus ik haal mijn schouders erover op, denk er het mijne van en ga door met datgene waar ik de afgelopen weken mee bezig ben: Het is om te Janke op de kaart zetten en nog meer inspiratie, informatie en mooie interviews te delen. Dat lijkt me de meest gepaste reactie!

En over reacties gesproken: wat een hartverwarmende reacties op het interview met Marianne van afgelopen woensdag. Het grootste compliment: “je hebt haar precies zo omschreven zoals ze is”. Wauw! Thanks! Het voelt als een enorme eer om dit soort gesprekken te mogen voeren en ze dan te mogen optekenen. Ondertussen heb ik ruim 30 vrouwen gesproken, interviews uitgewerkt en zijn ze allemaal akkoord met plaatsen. Wat een cadeau. (Er is zeker nog ruimte voor meer, dus ik hou me aanbevolen, en ook mannen zijn meer dan welkom!)

Aankomende week kun je het interview met Esther lezen, die na een heftige jeugd in een streng dogmatisch christelijk gezin, waar een pak slaag meer regel was dan uitzondering, er bewust voor heeft gekozen om aan de slag te gaan met haar jeugdtrauma en bijbehorende onzekerheid. En hoe! Je leest het woensdag.

Het tweede deel van de weduwe regels (waar ik zoveel reacties van herkenning op heb gekregen, dat ik bijna in mijn broek heb geplast van het lachen, waarvoor dank) lees je donderdag, en vrijdag leggen we je uit waarom samen wandelen niet alleen fysieke en mentale voordelen heeft, maar ook de onderlinge relatie versterkt. Moet ik als voorvechter van niet bewegen toch aan het wandelen gaan. Tot slot lees je zaterdag in het burn-out dagboek hoe Suuzzzz haar aan,- en uit knop niet kan vinden, en waarom dit met parkeren te maken heeft.

Genoeg te lezen dus de aankomende week ter inspiratie en informatie. Heb je nog tips? Mensen die ik echt moet spreken? Dingen die ik echt moet uitproberen? Laat het me weten, dan gaan we er hier mee aan de slag.

Veel liefs en tot volgende week,

Janke

Janke Verhagen (36) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm verloofd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.

‘Kunnen we die burn-out even snel oplossen?’

28 januari 2015, 13:00 uur

Ik had het idee dat ik me iets beter voel dan de eerste weken. Ik heb weer iets meer grond onder de voeten. Maar sinds ik dat zo ervaar en ook uitspreek voel ik juist weer meer stress en voel ik me nu dus weer wiebelig.
Ik heb ook moeite met de mensen van werk die, heel lief, vragen via een berichtje hoe het gaat. Ik kan het niet in één zin uitleggen en weet dan niet goed wat ik moet zeggen. Wil niet te negatief reageren maar ook niet te positief. Nou ja vind ik gewoon lastig. Helemaal als het er vier op een dag zijn.

Uit het gesprek met de bedrijfsarts kwam dat ik vanaf deze week elke week een half uurtje ga koffiedrinken met een collega. Hoeft niet in het bedrijf, maar in een tentje om de hoek. Dat is op zich ok, kan ik wel aan denk ik. Half februari heb ik weer een gesprek met haar en dan kijken we weer hoe het gaat en of er al begonnen kan worden met twee uurtjes per week re-integreren.
Ik laat het maar een beetje gebeuren en kijk per stap wel hoe het gaat.

Het is fijn om te merken dat ik iets meer bij m’n oude zelf kom hoewel ik nu beter dan eerst voel dat er echt iets anders moet gaan worden om niet weer gewoon terug te stappen in oude gewoontes.

Ik merk vooral hoe mijn lijf stress ervaart als het echt totaal niet nodig is. Bijvoorbeeld een boterham smeren. Dan voel ik een soort haast, en moet ik mezelf echt toespreken: ‘stress is niet nodig, je hebt alle tijd om deze boterham te smeren. Pompiedom’. En dat dus 100 keer per dag.

Is er nog een leven mogelijk waarin werk en de rest weer in balans kunnen zijn en ik weer kan genieten van dingen in plaats van ze af te werken? Daar wil ik naar toe. En een beetje snel graag 😉

31 januari 2015

Vandaag had ik mijn eerste therapeutische koffie drink sessie met een collega. Anette is eigenlijk ook een vriendin dus de lat lag laag. Het was gek om in de buurt van werk te zijn zonder op de afdeling te komen, en het was fijn om haar te zien en te spreken.

Het was moeilijk om te praten over wat er nou precies met me aan de hand is, ik heb eigenlijk zelf nog geen idee, daar kom ik juist steeds meer achter. Ja een optelsom van de afgelopen 20 jaar, klinkt makkelijk en ook wel logisch, maar hoe komt het dan dat het ineens niet meer gaat, dat ik ineens echt niet meer kan?

Ik wilde ook niet het hele gesprek huilen, hield me dus ook een beetje groot en dat kost weer een bak energie.

Na het gesprek was ik behoorlijk van de kaart, aan de ene kant van de tafel zat iemand die een druk leven heeft, twee kleine kinderen en een drukke baan, en aan de andere kant van de tafel, mijn kant, zat een patiënt, iemand die het allemaal niet aankan, geen kleine kinderen en een minder drukke baan. Hoe kan dat?

Ook blijf ik last houden van het gevoel dat ik mijn collega’s opzadel met de problemen die ontstaan door mijn afwezigheid. Niemand tot last zijn is blijkbaar nogal belangrijk voor me.

(Tekst loopt door onder de afbeelding.)

Wat me op dit moment het meest helpt in deze brei van gevoel en verdriet is dat ik besloten heb om alle stappen die ik echt MOET zetten in handen van de bedrijfsarts te leggen en die braaf gewoon op te volgen, en dat ik verder helemaal NIETS moet. Een gedachtentruc die maakt dat ik mijn schuldgevoel beter kan loslaten. Ik heb de verantwoordelijkheid gewoon uit handen gegeven.

Ik schiet nog steeds snel en makkelijk vol maar ik huil niet meer zoals toen het misging, toen ik echt niet meer kon ophouden, met snot en uithalen en al. Ik ben blij dat dat weer een beetje minder is geworden. Vooruitgang!

9 februari 2015

Dat korte lontje…misschien is het wel positief. Waar ik eerder een grens niet meteen voelde of aangaf, doe ik dat nu iets te snel misschien.
Maar ik wil nooit meer terug naar vroeger (lees: een paar maanden geleden) toen ik nog trots kon zeggen: ik ben bezig met het behalen van mijn Gandhi diploma. Omdat ik zo goed was in boven dingen staan, de wijste zijn, de verstandige (in mijn ogen dan he), bang voor conflict dus. Mega valkuil.
Nu wil ik afstuderen in het vak: Lik-Op-Stuk.
Weg met de wijste zijn, weg met erboven staan, ik wil nooit meer van mijn hart zo’n moordkuil maken.

Verder voel ik met ups en downs langzaam eindelijk wat rust in mijn donder komen. Ik doe ook dingen als poppenkleertjes maken, schots en scheef, maar wel heel rustig en niet gehaast.

17 februari 2015

Ik zit in een grote tweestrijd deze week. Heb zo afspraak bij de bedrijfsarts en ik vermoed dat ze gaat voorstellen om weer langzaam te gaan opbouwen. Ik heb de afgelopen weken dus 1 keer per week koffiegedronken met een collega, dat ging goed. Maar ik heb ze dan ook wel zorgvuldig uitgekozen, de minst enge en de minst energievretende types.

De tweestrijd is: moet ik weer beginnen met opbouwen of nog even niet.
Als ik echt denk dat ik het nog niet aankan dan is nu het moment om dat hardop te zeggen.
Maar iets in mij denkt dat ik pas weet of ik het aankan als ik het probeer. En die twee vechten al de hele week. Ik heb geen idee wat het gaat doen. Misschien doet het me wel goed om weer wat uurtjes daar te zijn, ook omdat ik eigenlijk heel leuk werk heb en ze me graag terugzien.
Maar als ik dan merk wat een sociale gebeurtenis met meer dan 1 mens tegelijk met me kan doen in het saaie leven van nu, dan ben ik een beetje bezorgd wat een afdeling vol gaat doen.

Mijn leidinggevende geeft me werkelijk alle steun, zowel als ik ervoor kies om nog niet te beginnen, als wanneer ik wel weer terugga. Ik heb wel vertrouwen in haar gelukkig.

Nou ja, ik ben er al met al veel te druk mee bezig in mijn hoofd voor iemand die tot rust zou moeten komen. Ervaar helemaal geen rust en zen deze week. Misschien ook omdat mijn dochter dit weekend jarig was en er dus een huis vol met visite was. Komt er ooit een tijd, dat ik de visite uitlaat en niet huilend op de grond ineen zijg? Dat ik weer oprecht kan genieten van dit soort dingen?

Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.

Als je 32 bent, en je wordt ineens weduwe (wat ik overigens echt een vreselijk woord vind), dan komt er ontzettend veel op je af. En dan vooral hele nare dingen, waar je stressmeter echt enorm hoog van oploopt. Praktische zaken zoals: hoe ga ik in mijn eentje ervoor zorgen dat mijn zoon zowel fysiek als mentaal niks te kort komt, hoe moet ik dit jaar belastingaangifte doen, hoe ga ik me minder schuldig voelen over het aantal opvangdagen voor mijn zoon, hoe ga ik koken (dat deed mijn wederhelft namelijk altijd), heb ik recht op zijn pensioen? En meer van dit soort praktische dingen waarvan het eigenlijk ook wel lekker is om je er druk over te maken, dan voel je tenminste niet dat wat je echt voelt.

En dan blijkt ook nog dat er ineens allerlei ongeschreven weduwe regels zijn. Wait what? Ik dacht dat ik in mijn situatie een soort van vrijbrief had, omdat ik tijdelijk ontoerekeningsvatbaar was. Helaas! Het maakt niet uit wat je als nieuwbakken weduwe doet en hoe je je gedraagt. Mensen vinden daar wat van. Dat voel je, dat merk je en in hele zeldzame gevallen wordt het je ook gemeld. (Waar ik dan wel weer een soort van bewondering voor heb, want openlijk kritisch zijn naar een weduwe is ook een behoorlijk opgave…)

Voor diegene die de weduwe regels niet kennen, fear not! Voor het gemak heb ik ze uiteengezet voor je.

  • Gij zult niet dronken in de kroeg hangen

Het is blijkbaar niet de bedoeling dat je als nieuwbakken weduwe de kroeg induikt. Laat staan dat het de bedoeling is dat je stomdronken weer thuiskomt. Wist ik niet! Ik wilde juist dronken aan de lampen hangen in het Cool Down Café of iets gelijkwaardigs. En daar vonden dan een hoop mensen weer wat van. Dodelijk vermoeiend.

De eerste keer dat ik weer de kroeg in ging was op de dag van de uitvaart. Ik had toch al zeker een dag of 8 niet gegeten, dus dit leek me wel een heel erg goed plan. Niet eten + drank + uitvaart stress = recept voor succes! Eerlijk? Ik heb een hele fijne avond gehad. Ik was in mijn favoriete kroeg met precies die mensen die ik om me heen wilde hebben.

En natuurlijk zat er een vlucht element in, zo werkt dat. Is dat erg? Nee! De kater de volgende dag, die was pas erg!

  • Gij zult nooit zijn spullen weggooien

Als iemand overlijdt, of dit nou plotseling is of niet, kom je op een bepaald punt dat je “iets moet” met zijn of haar spullen. Mensen die mij goed kennen, weten dat ik behoorlijk praktisch en pragmatisch ben. Tel daarbij op dat wij met zijn drietjes op 50 m2 woonde, en ik zag al heel snel een uitgelezen kans om eens stevig op te ruimen. “Je gaat toch niet zijn spullen wegdoen?” “Je kan ook alles in een opslag bewaren.” “Wat als je zoon nou toch behoefte heeft aan een agenda/hemd/broek/usb stick/vul maar in…?”

Tsja, zo kan je alles wel bewaren. Zucht! Ik ben dan zo benieuwd of al deze mensen zelf ook alles zouden bewaren.

In mijn opruimwoede ben ik begonnen met zijn kleding. Van elk item mocht ik er eentje bewaren. Je hebt namelijk de neiging om bij alles een verhaal te bedenken. “Oh en dat was die avond dat we online gewinkeld hebben bij de Hennes”. Diepe snik.

Uiteindelijk heb ik een “Levende Mensen Doos” gemaakt met alle spullen die ik belangrijk genoeg vond om te bewaren voor mezelf en voor onze zoon. 1 leven in een dossierdoos. En dat is precies genoeg voor ons.

  • Gij zult geen lelijke dingen zeggen over de overledene

“Ja jezus, hij kon natuurlijk wel echt het bloed onder mijn nagels vandaan trekken…” 4 paar geschrokken ogen kijken mijn kant op.

Oeps! Weer een weduwe regel geschonden. Niks dan goeds over de doden. 
Ja jongens, helaas! Zo werkt het dus niet helemaal. In levenden lijve is niemand perfect, dus na het leven ook niet.

Hardop zeggen dat je je afvraagt of je samen wel oud was geworden kan dus al helemaal niet. Maar kan dat echt niet? Ik ken persoonlijk weinig mensen met een perfecte relatie, die zich nooit af en toe afvragen of ze wél samen het bejaardenhuis halen. En juist de dood haalt dit soort vragen extra naar boven. En dan ga je dat aan jezelf verkopen. Een soort PR in omgekeerde volgorde.

Dus zeg je ook wel eens lelijke dingen over iemand die is overleden. Net echt! 

  • Gij zult niet lachen

Een paar uur na de dood van Stefan zat ik met mijn voltallige ouderlijk gezin ergens op een portiek in Amsterdam Oost. 
De weken daarvoor was mijn moeder een beetje boos op ons kinderen geworden, omdat het een soort van onmogelijk leek om ons allemaal tegelijk in haar huis te krijgen voor wat laatste kluswerk.

Ik keek eens rustig om me heen en registreerde dat iedereen er was. Ik draaide mijn hoofd naar mijn moeder en zei: “Kijk mam, zo krijg je dus iedereen bij elkaar!” Even blijft het stil en dan schiet iedereen onbedaarlijk in de lach. 
Deze anekdote vertel ik met enige regelmaat en de reacties hangen ergens tussen totale shock en complete horror. Waarom? Mag er niet gelachen worden? Zit er een tijdslimiet op wanneer je weer mag lachen?  Eén ding weet ik zeker: zonder al dat gelach in de eerste weken had ik er een stuk minder florissant bijgezeten nu.

  • Gij zult niet gaan daten

Dit is een heftige regel. De regel waar “men” het meest van vindt. En de regel waar ik persoonlijk het meest last van heb gehad.

Een maand of 2 na de dood van Stefan zat ik in de tuin met één van mijn beste vrienden. Zuchtend heb ik iets gezegd als: “Ik heb zo’n behoefte aan fysiek contact.” (De letterlijke tekst was anders, maar ik wil niet iedereen shockeren) Wat ik vooral wilde was weer aanraking voelen, het gevoel krijgen dat ik weer mens en bovenal vrouw was. Ik noemde het toen mijn rouwlust. 
Enfin, Tinder op de telefoon en swipen maar. In plaats van op zoek te gaan naar “fysiek contact” waren mijn swipe bewegingen vooral gericht op “potentieel vader materiaal”. Een onbewuste vlucht uit de realiteit maar ook een onbewuste drang naar aandacht.

Een roerige periode volgde. Niet op de laatste plaats omdat letterlijk iedereen zich ermee ging bemoeien. Er was niemand die niks van mijn date gedrag vond. En dat vond ik moeilijk, heel moeilijk. Het is namelijk al lastig genoeg om je eigen weg weer te vinden. Om weer iemand toe te laten, om je weer te laten aanraken, om je eigen gedachten op een rij te krijgen.  Dus al die meningen, die had iedereen van mij lekker voor zich mogen houden.


En zo zijn er nog veel meer weduwe regels blijkbaar. Volgende week deel ik de 5 andere meest ingezette regels.

Het lastige aan de weduwe regels is, hoe (on)bevooroordeeld ik zelf ben. Zou ik er zelf wat van vinden als een vriendin van mij zich ineens bij de weduwe-club zou voegen en zich “raar” zou gaan gedragen? Ik hoop de persoon te zijn die haar dan in haar waarde laat. Alle rouw is anders, geen persoon is hetzelfde, en voor iedereen gelden weer andere weduwe regels die al dan niet bij haar passen!

Happy Mourning!

Janke Verhagen (36) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm verloofd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.

De eerste keer dat ik dat liefdesverdriet had na de dood van Stefan is ondertussen alweer even geleden. Ik schreef er destijds deze tekst over.

Over rouw en verlies zijn boeken vol geschreven. Dit wist ik al een tijdje. En nu ik een HBO-studie doe op dit onderwerp weet ik dat er nog veel meer boeken over zijn volgeschreven. Hele wetenschappelijke artikelen, papers en scripties zijn er te vinden.

Er is echter geen enkel boek of artikel dat aandacht heeft voor verlies na verlies. Meer specifiek: je eerste liefdesverdriet na het overlijden van je partner. Zonde! Want dit was voor mij een hele vreemde en vooral nare ervaring.  

De eerste schreden op het liefdespad zijn sowieso onwennig, onnatuurlijk en heel vreemd. Tenminste, zo was het voor mij. Ratio en gevoel lopen de hele dag enorme bokspartijen met elkaar uit te vechten. Rico en Badr zijn er niks bij. Het is vermoeiend, spannend, leuk, eng, onwennig en had ik al vermoeiend genoemd?

Ik kan alleen putten uit persoonlijke ervaring, dus daar hou ik het in dit artikel ook maar bij. Nadat ik eerst 1,5 jaar had liggen aanmodderen (en dat is een understatement), werd ik voor het eerst echt weer verliefd. Halleluja! Bloedspannend natuurlijk. Het spreekwoordelijke rugzakje dat er op mijn rug hangt, is nou eenmaal niet van een lieflijk leuk Eastpak formaatje, maar meer een 55 liter backpack waar menig Mount Everest bergbeklimmer zijn hele bepakking wel in kwijt zou kunnen. Met mij krijg je dus niet alleen al mijn leuke kanten, maar ook die complete berg-bepakking erbij. Ga er maar aan staan.

De liefde bleek wederzijds en we leefden nog lang en gelukkig. Oh nee, wacht. Zo ging het toch niet helemaal. Net zoals stellen zonder rugzakjes of complete berg-bepakkingen, werkt het soms wel, en soms niet. Na een x periode bleek het niet meer te werken. Rationeel wist ik dit wel, gevoelsmatig wilde ik strijden tot het bittere einde. Ik wilde niet weer verliezen, ik wilde niet weer iemand kwijtraken.

Het gebeurde toch!

En toen was daar: liefdesverdriet. Dit varkentje zou ik wel even wassen. Liefdesverdriet had ik eerder gehad, dat had ik overleefd. Hopla.

Het werkte niet op deze manier. Ik werd opgegeten door mijn eigen verdriet. En als ik dan zo verdrietig was, dan werd ik weer boos op mezelf, want ja: hij was toch niet dood. Van deze gedachte schrok ik dan weer en werd ik weer verdrietig. Zie hier: de vicieuze cirkel. Als ik dacht dat ik een rouwtsunami had, bleek het een liefdesverdriet-tsunami. Maar die had hij niet verdiend. Die behoren maar aan één man toe. De dode man! Niet de levende, ik kan niet met jou samen zijn-man! Ik was er letterlijk kotsmisselijk van. Liefdesverdriet kende ik wel. Liefdesverdriet na verlies niet.

Verlies na verlies was voor mij een opeenstapeling van verdriet, schuldgevoel en boosheid aangevuld met eenzaamheid. Een recept voor urenlange gesprekken met vriendinnen al dan niet vergezeld van een bak ijs. Een recept voor ultiem zelfmedelijden aangevuld met RUMAG quotes die tijdelijk verlichting boden. Een recept voor twijfel. Niet alleen aan jezelf, maar ook aan de ander. Twijfel over je eigen rouw en rouwproces, twijfel aan de relatie die je hebt met anderen en die met jezelf. Alles stond op losse schroeven.

Naarstig ging ik op zoek naar documentatie over dit onderwerp. Hoe deal je met liefdesverdriet na rouw? Niks! Maar dan ook letterlijk niks te vinden. Voor een pragmatist zoals ik een behoorlijk bittere pil om te slikken. Liefde na rouw: van alles over te vinden. Seks na rouw: iets minder over te vinden, maar het is er wel. Liefdesverdriet na rouw: geen woord, geen letter hierover. Alsof het niet voorkomt, het niet bestaat. Ik had een onlinecursus verlies na verlies best kunnen waarderen in dit stadium. U bent nu bij stap 6, nog 4 te gaan en dan bent u hiervan verlost! Helaas.

En net als met echt liefdesverdriet, werd het met de tijd minder. In mijn beleving duurde het langer dan normaal. Hoewel ik me afvraag wat normaal dan zou moeten zijn. Van minder liefdesverdriet ging het uiteindelijk over naar geen liefdesverdriet meer. Van geen liefdesverdriet meer ging het uiteindelijk naar ik sta weer open voor andere mogelijkheden.

En nu? Nu zie ik het wel. Dit was er weer eentje in de categorie de eerste keer…na rouw. Niet de leukste, maar wel een hele leerzame! Ik spaar deze categorie nog even door.

Kwartet!

Janke Verhagen (36) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm verloofd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.

Het mooie van kinderen is, dat ze je altijd weer zo lekker met de neus op de feiten weten te drukken. Toen ik Ruy mijn interview met Hart van Nederland liet zien, was zijn reactie: “Waarom wil je iedereen je website laten zien?” En dan met zo’n enorme eyeroll erbij. Ik heb een seconde overwogen hem op Marktplaats te zetten, maar heb hem uiteindelijk maar een knuffel gegeven.

Dat maakt ook meteen duidelijk waar mijn zwakte zit als het gaat om Het is om te Janke. Mijn zoon! Zelf ben ik helemaal van overtuigd dat ik het juiste doe, dat ik een snaar heb geraakt bij mensen, dat er behoefte is aan eerlijke verhalen met een vleugje humor en positiviteit. Gaat hij dat over 15 jaar ook zo zien? Aangezien ik degene ben die hem opvoed, ga ik er gevoeglijk van uit, dat het wel goed komt. Dat hij begrijpt waarom ik de keuzes maak zoals ik ze maak. Het blijft per slotte een kind van zijn moeder. En van zijn vader.

Wat was het een bewogen week. Omdat één iemand de moeite nam om mijn site te delen is de spreekwoordelijke sneeuwbal gaan rollen. En hoe! Toen ik afgelopen maandag live in de uitzending was bij Veronica op de radio, ben ik het uur van te voren 1000 doden gestorven. In mijn vriendinnen app groepje heb ik moord en brand geschreeuwd. “Waarom wilde ik dit nou ook alweer…..?” En toen was het ineens voorbij. Alsof de zenuwen er nooit waren. Ik ben dolblij met het item, en was erg onder de indruk van hoe goed voorbereid de heren waren. Een gesprek waar ik met warme gevoelens op terug kijk.

Op dinsdag werd ik gebeld door WNL, of ik iets over Het is om te Janke wilde zeggen voor Goedemorgen Nederland. Natuurlijk wil ik dat. “Dan staat er over 30 minuten een cameraploeg bij je!” Mijn lief en ik schoten allebei in de stress. Achteraf gezien is al deze persaandacht een prima generale repetitie voor als ooit de rechtszaak naar de moord op Stefan gaat lopen. Op dat moment begrepen we elkaar even niet zo goed. (Lees: binnen een minuut of wat vlogen we elkaar in de haren!) Rest assured: we zijn weer dolblij met elkaar nu!

Toen de dag erna Hart van Nederland nog langs kwam, was er dan ook al veel meer rust weer in huis. Wat een fijne reportage is dat geworden. Het heeft zo duidelijk gemaakt wat Het is om te Janke is, en wat ik ermee wil bereiken. De reacties zijn hartverwarmend, en geven ook meteen weer een hoop inspiratie voor meer interviews, verhalen en andersoortige artikelen. Voorlopig kan ik maanden vooruit. Tel daar nog een geweldige brainstorm met Suuzzzz bij op (je weet wel: van het burn-out dagboek en de rouwkost recepten) en dan plakken we er met gemak nog jaren bij.

“Je ziet er moe uit!” sprak mijn lief die avond. En moe is een understatement. Ik was kapot! Alsof ik griep had. Dat is de keerzijde van de medaille. Al die media-aandacht is geweldig en heel erg bijzonder, maar het kost me ook veel energie. Op de momenten zelf vlieg ik er doorheen, op adrenaline, op enthousiasme en op het geloof dat dit magazine een toegevoegde waarde heeft. Daarna wil ik even bijkomen, en mijn lijf demonstreert dat dan als complete vermoeidheid.

Een nacht goed slapen doet gelukkig wonderen, waardoor ik vrijdag gewoon lekker een training kon geven bij mijn oude opdrachtgever. Als je dan ook nog een mailtje krijgt met de evaluatie van een congres waar ik gesproken heb, en je lezing wordt met een 9 gemiddeld beoordeeld…… Blij Ei!

Aankomende week wordt een spannend week voor Het is om te Janke. Door alle media-aandacht heeft het magazine bakken met bezoekers gehad. Blijven die bezoekers nu ook hangen? Gaan ze blijven mee lezen met al die bijzondere verhalen en artikelen? Er staan deze week weer een mooi aantal artikelen voor je klaar. Bijvoorbeeld het bijzondere verhaal van Marianne. Zij kreeg borstkanker en vertelt hoe zij daar mee omging en waarom ze nu ineens diepe bewondering heeft voor al die kale stratenmakers.

Ook neem ik je mee in mijn persoonlijke verhaal van de eerste keer liefdesverdriet na de dood van Stefan. Dat varkentje ging ik dus niet zomaar even wassen.  Sterker nog: het was een grandioze klotezooi! En natuurlijk lees je zaterdag de derde aflevering van het grote burn-out dagboek. Genoeg inspiratie om je meter weer te vullen.

Nog steeds wil ik je van harte uitnodigen om al je suggesties, tips en opmerkingen te delen. Weet jij iemand die ik absoluut moet interviewen? Heb je een geniaal rouwkost recept? Iets leerzaams om te delen? Alles is welkom.

Tot volgende week!

Liefs,

Janke


Wil je het interview bij Radio Veronica terugluisteren? I got your back! Luister hem hier terug. Het interview bij Hart van Nederland kun je hier terugvinden.

Janke Verhagen (36) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm verloofd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.


9 januari 2015, 16.00 uur

Het gaat goed in de zin dat ik steeds meer door krijg dat het niet goed gaat en ik mij steeds bewuster word van het feit dat ik dat serieus moet nemen. Ik kan niet anders eigenlijk. Mijn hersens hebben gewoon een stop ingelast. Tot hier en niet verder. Gelukkig krijg ik vanuit werk de ontzettende geruststelling dat ze me missen maar me alle tijd willen geven om weer met frisse moed te beginnen, zodra ik daaraan toe ben.

Ik merk dat ik ineens zo boos word de laatste dagen. Boos om dingen uit het verleden. Gefrustreerd met terugwerkende kracht. Vooral over situaties waarin ik er ooit voor koos om ‘erboven te staan’.
Ik weet niet zo goed wat ik ermee moet. Wil met bepaalde mensen absoluut geen hernieuwd contact maar loop ze wel te vervloeken om het onrecht dat ze me hebben aangedaan en waar ze door mijn, in mijn ogen beschaafde houding te makkelijk mee weg zijn gekomen.
In het heden weet ik wel wat ik daaraan kan doen: meer lik op stuk beleid geven als iets me niet zint. Maar die ouwe zooi…pffffff.

Dinsdag moet ik weer naar de bedrijfsarts en daar zag ik behoorlijk tegenop. Wat nou als ze zegt dat ik wel weer kan beginnen? Maar mijn manager belde net om te zeggen dat ze ervanuit gaat dat ik echt minstens de tijd die ik nu al weg ben nog nodig heb voor we verder praten over hoe het beter en anders kan op mijn werk. Dat heeft me wel een beetje gerustgesteld.

Ik kan echt in de stress schieten als ik over drie dagen iéts moet doen. En niet omdat het zoiets moeilijks of zwaars is wat ik moet doen. Blijkbaar is mijn plan-spier overbelast geraakt door het drukke schema van de afgelopen jaren, met kinderen en werk, elk klein ding dat er moest gebeuren leverde geschuif, gestress en gedoe op. En nu, nu ik zeeën van tijd heb, reageert mijn lijf nog net zo, een soort Pavlov reactie.

15 januari 2015, 21:15 uur

Ik heb een rot week. Weet niet waar ik met mezelf heen moet. Het gaat eigenlijk qua energie lastiger dan eerst. Waar het eerst nog wel soort van doordrong af en toe dat ik niets hoefde en daar ook van kon genieten, is dat nu bijna weg. En waar zijn die zeeën van tijd nu ik niet werk…
Als Joris bij me is, zoals deze week, is er elke dag wel iets dat moet natuurlijk, los van eten en boodschappen. Gesprek op school, voetbaltraining, huiswerk, nou ja gewoon de dingen van de dag, maar eigenlijk is alles me teveel.

Ik voel me ook schuldig naar hem. Ik hoor mezelf zo vaak zeggen: kan niet of ik ben te moe.
Hij is er soort van immuun voor geworden en dat snap ik ook wel weer.

Ik probeerde hem vanochtend uit te leggen dat mijn stress-knop niet goed meer werkt, dat hij lam gedraaid is en dat ik nu van de gekste kleine dingen in de stress kan schieten en dat het dus belangrijk is dat dat weer tot rust komt.
Geloof dat dat wel een kwartje deed vallen bij hem, dat hij iets beter begreep dat er iets met me aan de hand is, dat ik dus gewoon echt iets heb.
Hij wil graag dat ik hem naar school breng. Als ik hem breng kan hij een half uur later de deur uit, maar sta ik drie kwartier in de file om daarna weer thuis te komen. Normaal als ik werk kom ik langs zijn school. En ja, ‘nu doe ik toch niks’ dus dan kan ik hem toch wel brengen? Maar ik merk dat het een verkeerd begin van de dag is op dit moment. Ik hoop dat de woorden die ik vanochtend wist te vinden hem iets beter doen begrijpen dat ik niet gewoon lui ben of niet wil.

Daarbij zijn er natuurlijk volksstammen mensen van 13 jaar die lang onderweg zijn naar school, sus ik mezelf.

Ik voel me alsof ik in niemandsland leef. Probeer de rust die ik de eerste weken wel af en toe vond weer terug te vinden. Goeie nieuws is dat ik wel wat beter slaap. Ga eerder naar bed, neem melatonine en luister een luisterboek. Ik denk dat ik dan binnen een half uur slaap. Pure winst. En als ik Joris naar school heb geholpen duik ik er ook weer even in en mag slapen tot ik wakker word.

16 januari 2015, 11:30 uur

Ik lees net terug wat ik gister schreef en moet daar wel ook bij vertellen dat diezelfde zoon die maakt dat ik me soms heel schuldig voel, ook maakt dat ik vrolijk word als ik aan hem denk. Die onstuitbare positieve kinderenergie die hij gewoon bij zich heeft, waar hij niets voor hoeft te doen of te laten, is ook juist één van de dingen waar ik me heel erg aan vasthou en me aan kan laven. Waar ik energie uit put, waar ik van geniet, gewoon door te kijken en te luisteren terwijl hij (zonder dat hij het in de gaten heeft) een compleet toneelstuk opvoert inclusief zang en dans als ik hem vraag naar zijn schooldag. Hilarisch omdat hij 13 is en net in de leeftijd tussen schattig en stoer.
En kinderen zijn soms vermoeiend, maar ze zijn ook vertrouwd, we kennen elkaar, kunnen onszelf zijn bij elkaar, zij kennen mijn grenzen en ik die van hen.

20 januari 2015, 17:30 uur

Vandaag op weg gegaan naar Hilversum om de bedrijfsarts te zien, maar ik reed verkeerd, de route die ik al tien jaar lang vijf keer per week rijd… Mijn hersens werken echt absoluut niet normaal. Ik raakte zo van de kaart, lees: in paniek, dat ik langs de weg ben gaan staan en huilend de arts heb gebeld dat ik onderweg was, maar verdwaald. Ik voelde me zo stom, zo schuldig en zo een aanstelster. Die ene afspraak, en het is me teveel. Gelukkig reageerde ze heel erg lief, ze zei dat ik adem moest halen, tot rust komen en rustig moest terugrijden naar huis. De afspraak was helemaal niet belangrijk, die konden we rustig opnieuw maken. Haar vriendelijkheid raakte me zo, dat ik zeker een half uur langs de weg heb zitten huilen zoals ik deed toen ik klein was. Wat is er in godsnaam met me aan de hand. Wat is er gebeurd, hoe ben ik hier terecht gekomen?

Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.

Als je leven op z’n kop staat, je van verdriet niet meer weet waar je het zoeken moet. Als je geen hap door je keel kunt krijgen van narigheid. Juist dan is het belangrijk om goed voor jezelf te blijven zorgen, eten dus. Maar hoe?

Vandaag de 5 beste rouwkost recepten:

  • Soep. Rouwen zonder kauwen. Giet de gladde massa gewoon naar binnen en je kunt er weer even tegen. Koud of warm het maakt niet uit. Hoewel warme soep wel een fijn troostend effect kan hebben. Natuurlijk kun je een blik soep opentrekken, maar een simpele soep is ook zo gemaakt.

De simpelste soep: 250 gram kant en klare soepballetjes, een zak soepgroenten en 2 bouillonblokjes. Breng een liter water met twee bouillonblokjes aan de kook, gooi de balletjes en de groenten in het kokende water, breng weer even aan de kook, zet vuur zacht en laat 20 minuten zachtjes borrelen.

Je kunt er natuurlijk ook van alles bijgooien: kikkererwten, vermicelli, en zo ongeveer elke groente die je in huis hebt.

  •  Pasta. Als je een brok in je keel hebt is het fysiek bijna onmogelijk om harde dingen weg te krijgen. Pasta is makkelijk te maken, snel klaar, zacht en bevat een ton aan koolhydraten. Dat laat je tranenmotortje wel weer even draaien. Gooi er gewoon een potje kant en klare bolognese saus doorheen als je het echt niet kunt opbrengen om losse ingrediënten in een pan te gooien.

De snelste pasta: haal verse pasta bij de supermarkt. Die is na vier minuten in kokend water al klaar.  Dan heb je dus vier minuten om je saus op te warmen/in elkaar te flansen. Voor een snelle, gezonde, verwen jezelf saus, haal je: 100 gram gerookte zalm, (kant en klare maar liefst wel verse) pesto, kerstomaatjes en parmezaanse kaas. Snij de zalm in stukjes, snij de tomaatjes door de helft. Roer de pesto door de pasta, zalm erbij, tomaatjes erbij, kaas erover en klaar. Heb je stiekem toch goed voor jezelf gezorgd.

  • Hartige taart. Je kunt een kant en klare Quiche halen en opwarmen, maar misschien is het bakken van de taart ook wel een mooi moment om je even te focussen op iets anders dan je verdriet. Een uurtje mindfull bakken en dan hoef je vandaag en morgen niet meer over eten na te denken. Hartige taart wordt met de dag lekkerder en bevat alles wat je nodig hebt.

De eenvoudigste hartige taart: een pak diepvries spinazie (geen a la creme), een pak bladerdeeg, kookroom, 2 eieren, 250 gram (vegetarisch) gekruid gehakt, geraspte kaas, een ui. Ontdooi de spinazie, rul het gehakt ondertussen, en (als nodig) ontdooi het bladerdeeg. Gooi het gesnipperde uitje op het laatst nog even door het gehakt. Bedek je bakvorm met het bladerdeeg, prik wat gaatjes in de bodem, en strooi als je dat hebt wat paneermeel over de bodem. Meng de kookroom (ongeveer 100 ml), de twee eieren en een half/drie kwart zakje geraspte kaas door elkaar. Meng de spinazie met het gehakt en meng daar het kaas-room mengsel weer doorheen. Gooi de vulling in de bedekte springvorm. Als je bladerdeeg over hebt kun je er slierten van maken en een leuk vlechtwerkje over de vulling leggen. Bestrijk in dat geval het bladerdeeg met wat eigeel, voor een mooie goudbruine kleur na het bakken. Hou voor het bakken de tijd aan die op het bladerdeeg staat aangegeven.

  • Smoothies. Als je echt niet kunt eten en je hebt wel een blender dan zijn smoothies een uitkomst. Spinazie of boerenkool lenen zich prima voor een shake. Banaantje erbij, appeltje, handje granen van het een of ander, scheut yoghurt en shaken maar. Je voelt de gezondheid met elke slok je lichaam instromen.

Supergezonde, snelle, simpele, maar toch ook vullende smoothie: handje (verse) spinazie, ½ avocado, 20 gram grof gehakte amandelen, ½ banaan, 1 glas water. Alles in de blender en…blenderen maar!

  • Ok, het is niet gezond en ook niet verstandig, maar soms moet je gewoon alle logica overboord gooien en donuts eten. Ingrediënten: suiker en vet, hmmmmm.

Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.

Stoere vrouwen leven na een ellendige gebeurtenis bewust door en maken keuzes. Dat is ondertussen duidelijk! Stoere vrouwen staan zichzelf ook met enige regelmaat een klotedag toe. Ze zijn niet altijd blij, happy en dansen niet fulltime vrolijk om ellende heen. Kijk ons hier eens lekker in actiemodus onze ellende opruimen! Soms is het gewoon wat is het: helemaal kut!

Mocht jij nog niet zo goed weten hoe je de ideale klotedag heelhuids doorkomt: Voorbereiding is key!  Dus geen paniek want wij hebben de ultieme voorbereidingslijst voor je!

Klotedag voorbereiding in 9 makkelijke stappen:

  1. Joggingbroek: Zorg dat je minimaal één, maar liever twee, slobberbroeken op voorraad hebt. Klotedagen ervaar je het beste in slobberige kleding. Die tweede broek heb je hard nodig omdat je ergens die dag koffie of thee gaat morsen op je eerste broek, want zo werkt dat nu eenmaal met een klotedag.
  2. Vreterijen: De kast moet vol liggen met het betere snaaiwerk. Whatever floats your boat! Zoet, hartig, alles door elkaar. Het is jouw klotedag, dus jij bepaalt. Zorg ook even voor wat van die handige afsluitzakjes, je gaat namelijk nooit alles op eten omdat je halverwege je vreetbui bedenkt dat je dit er morgen weer af moet joggen (of niet) en het zou zonde zijn als al dat lekkere vreetwerk verloren gaat. Beter bewaar je wat voor de volgende klotedag. (Pro-tip!)
  3. Oplader: Niks zo erg als een lege telefoon op een klotedag. Je wilt gewoon eindeloos scrollen door Facebook, Instagram of YouTube. Bij voorkeur met jaloezie en afgunst, dat mag op een klotedag namelijk gewoon. Oefen misschien van tevoren ook nog even je eyeroll, die doen het op dit soort dagen altijd heel goed.
  4. Netflix account: Niks zo lekker op een klotedag als eindeloos bingewatchen, en dan vooral series of films waarin mensen het lekker kut hebben. Je kunt je dan goed vereenzelvigen en lekker wegzakken in je zie je wel, het is ook allemaal klote emoties.
  5. Deezer/Spotify playlist: Ik heb een ‘klotedag-playlist’ in mijn muziek app. There, I said it! Omdat ik het nogal eens lastig vind om toe te geven aan zo’n klotedag, heb ik een playlist gemaakt met muziek die mij triggert om eens lekker een potje te gaan janken. Zo’n huilbui start dan vrij vlot (bij liedje twee is het vaak wel raak) om na een liedje of zes weer op te houden. Gevolg: totale opluchting!
  6. Notieboekje: Mijn assortiment aan notitieboekjes is eindeloos, je zou het een verslaving kunnen noemen. Mijn gebruikte notitieboekjes hebben allemaal hun eigen functie. Zo is er dus ook een ‘wat een klotedag notitieboekje’. Hierin schrijf ik dan op waarom alles nou zo rot is, waarom dingen niet gaan zoals ik wil en hoe ik dan wel wil dat het gaat. Het gaat vaak gepaard met veel gekras, en laten rondslingeren is absoluut geen optie. Er staan nogal veel vloekwoorden in en ongenuanceerde uitspraken aan het adres van mijn vriend en zoon. Vaak lees ik het de dag erna terug en moet ik vreselijk lachen om mezelf.
  7. Water: Je gaat hoofdpijn krijgen op een klotedag! Ik kan het niet leuker voor je maken. Van zeiken en zwelgen, en wellicht een portie tranen, krijg je nou eenmaal koppijn. Dat maakt dan de klotedag nog vele malen kutter, maar dat mag op zo’n dag. Het toverwoord is hydrateren: drink massa’s water! Zo kun je die koppijn proberen te voorkomen en wordt het allemaal niet nog vreselijker!
  8. Speeddial: In mijn favorieten op mijn telefoon staan mijn beste vriendinnen. Als ik namelijk een klotedag heb, dan wil ik dat ook graag delen. In hysterische uithalen, lange zinnen, en uitgebreide analyses wil ik ze meenemen in waarom het nou toch allemaal zo klote is. Belangrijk aspect: zorg ervoor dat je vriendinnen dit ook weten en snappen dat je alleen je ei even kwijt wilt. Actieve luistergeluiden van hun kant zijn vaak genoeg. Of start met de woorden: “Ik wil gewoon even een kwartiertje zeiken”
  9. Een schoon bed: We kennen allemaal het heerlijke gevoel van in een schoon bed stappen. Hemels! Om een klotedag rustig af te sluiten, kan ik je een schoon bed echt aanraden. Na al het vreten, zeiken, series kijken, bellen en janken is er niks zo fijn om in een schoon bed je klotedag af te sluiten en te besluiten dat er morgen weer een dag komt, die zeer waarschijnlijk niet zo kut is!

There you have it! Negen makkelijke stappen ter voorbereiding op je klotedag. You are welcome. Ook stoere vrouwen hebben gewoon dagen die niet zo makkelijk gaan als de anders. Door er gewoon aan toe te geven, kun je vaak de dag erna met hernieuwde energie weer aan de gang. En zo blijkt een klotedag ook gewoon een functie en enorme toegevoegde waarde te hebben.

Op naar de volgende klotedag, ik ben er klaar voor!

Janke Verhagen (36) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm verloofd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.

Precies 2 jaar geleden schreef ik onderstaande tekst voor mijn privé blog. Omdat de tekst zo van toepassing is op waar Het is om te Janke voor staat, deel ik hem vandaag nog een keer.


In de verte hoor ik mijn moeder kletsen met mijn zoon in de woonkamer. Ik doe mijn ogen half open en sluit ze dan meteen weer. Het licht in mijn slaapkamer doet pijn aan mijn ogen. De nawerkingen van de slaappil dreunen mijn hoofd in. Het bonst en ik hoor mijn eigen bloed door mijn hoofd suizen. Voorzichtig doe ik weer één oog open en kijk naar de wekker. Het is 13 uur ’s middags. Ik wil eigenlijk me weer omdraaien en verder slapen. Bij voorkeur de komende 60 jaar.

Uit de woonkamer komt gelach. Oma en kleinzoon stoeien op de bank. Ik merk hoe mijn mondhoeken een klein stukje naar boven gaan en een voorzichtige glimlacht tekent zich af op mijn gezicht. Ik kan nu 2 dingen doen: Ik kan de rest van de dag in bed blijven liggen met mijn hoofd diep onder de dekens en ver weg van de realiteit. Of ik kan de dekens van me afslaan, onder de douche stappen om de resten van de slaappil van me af te spoelen en proberen om er een leuke dag van te maken met mijn moeder en zoon.

Ik kies voor het laatste! Niet om de sociaal wenselijke redenen. Niet omdat ik weet dat mijn zoon blij is om zijn moeder te zien. Niet omdat ik weet dat mijn moeder opgelucht is dat ik uit bed ben gekomen. Niet omdat ik nou zo’n zin heb om de dag door te moeten komen. Ik doe het omdat ik me oprecht gezegend voel dat ik überhaupt in staat ben om een keuze te mogen maken.

Ik heb zo goed als 2 weken na de uitvaart van Stefan vooral in bed gelegen. Een keuze. Het liefst met een fles wijn erbij, maar dit heb ik toch maar gelaten. Ook dit was een keuze. En nu is het tijd om op te staan. Weer een keuze. Ik sta onder de douche en wrijf de slaap uit mijn ogen. De slaap maakt plaats voor tranen. Onder de douche huil ik. Niet omdat ik verdrietig ben, maar omdat ik het feit dat ik ervoor gekozen heb om weer deel te nemen aan het leven een hele grote stap vind. Een stap die ik niet voor mogelijk had gehouden de afgelopen weken.

“Zullen we vandaag naar de geitenboerderij?” Mijn moeder kijkt me vragend en verwachtingsvol aan. Douchen was al een hele stap, een geitenboerderij is van een hele andere orde. “Ik denk dat het goed voor je is om er even uit te gaan.” Ik wil eigenlijk met mijn ogen rollen en vragen of ze wel helemaal lekker is. In plaats daarvan kies ik ervoor om mee te gaan in het voorstel van mijn moeder.

“Mama, ze denken dat mijn haar een wortel is!” Ruy gilt van plezier als een geit zich knagend op zijn oranje haar stort. De rolstoel van oma blijkt een prachtig krap object voor de geiten. Ruy lacht en rent rond. Ik ren erachteraan. Me enorm bewust van het feit dat ik mijn best moet doen om mee te gaan in zijn plezier. Maar ik ren, ik kies, ik lach! We eten een ijsje en zitten in de zon. “Lekker hé mama?”

Uitgeput stort ik om 21 uur tussen mijn lakens. Bewust kiezen kost een hoop energie. Ik pak het doosje met de slaappillen en kijk er even naar. Ik laat het doosje dicht en leg het terug op mijn nachtkastje. Een keuze!

En morgen? Morgen kies ik opnieuw. In bed of uit bed? Geiten of het strand? Koken of bestellen? Het maakt eigenlijk niet uit, als ik maar een keuze maak.


Janke Verhagen (36) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm verloofd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.