Categorie

Burn-out Dagboek

Categorie


9 januari 2015, 16.00 uur

Het gaat goed in de zin dat ik steeds meer door krijg dat het niet goed gaat en ik mij steeds bewuster word van het feit dat ik dat serieus moet nemen. Ik kan niet anders eigenlijk. Mijn hersens hebben gewoon een stop ingelast. Tot hier en niet verder. Gelukkig krijg ik vanuit werk de ontzettende geruststelling dat ze me missen maar me alle tijd willen geven om weer met frisse moed te beginnen, zodra ik daaraan toe ben.

Ik merk dat ik ineens zo boos word de laatste dagen. Boos om dingen uit het verleden. Gefrustreerd met terugwerkende kracht. Vooral over situaties waarin ik er ooit voor koos om ‘erboven te staan’.
Ik weet niet zo goed wat ik ermee moet. Wil met bepaalde mensen absoluut geen hernieuwd contact maar loop ze wel te vervloeken om het onrecht dat ze me hebben aangedaan en waar ze door mijn, in mijn ogen beschaafde houding te makkelijk mee weg zijn gekomen.
In het heden weet ik wel wat ik daaraan kan doen: meer lik op stuk beleid geven als iets me niet zint. Maar die ouwe zooi…pffffff.


Dinsdag moet ik weer naar de bedrijfsarts en daar zag ik behoorlijk tegenop. Wat nou als ze zegt dat ik wel weer kan beginnen? Maar mijn manager belde net om te zeggen dat ze ervanuit gaat dat ik echt minstens de tijd die ik nu al weg ben nog nodig heb voor we verder praten over hoe het beter en anders kan op mijn werk. Dat heeft me wel een beetje gerustgesteld.

Ik kan echt in de stress schieten als ik over drie dagen iéts moet doen. En niet omdat het zoiets moeilijks of zwaars is wat ik moet doen. Blijkbaar is mijn plan-spier overbelast geraakt door het drukke schema van de afgelopen jaren, met kinderen en werk, elk klein ding dat er moest gebeuren leverde geschuif, gestress en gedoe op. En nu, nu ik zeeën van tijd heb, reageert mijn lijf nog net zo, een soort Pavlov reactie.

15 januari 2015, 21:15 uur

Ik heb een rot week. Weet niet waar ik met mezelf heen moet. Het gaat eigenlijk qua energie lastiger dan eerst. Waar het eerst nog wel soort van doordrong af en toe dat ik niets hoefde en daar ook van kon genieten, is dat nu bijna weg. En waar zijn die zeeën van tijd nu ik niet werk…
Als Joris bij me is, zoals deze week, is er elke dag wel iets dat moet natuurlijk, los van eten en boodschappen. Gesprek op school, voetbaltraining, huiswerk, nou ja gewoon de dingen van de dag, maar eigenlijk is alles me teveel.

Ik voel me ook schuldig naar hem. Ik hoor mezelf zo vaak zeggen: kan niet of ik ben te moe.
Hij is er soort van immuun voor geworden en dat snap ik ook wel weer.

Ik probeerde hem vanochtend uit te leggen dat mijn stress-knop niet goed meer werkt, dat hij lam gedraaid is en dat ik nu van de gekste kleine dingen in de stress kan schieten en dat het dus belangrijk is dat dat weer tot rust komt.
Geloof dat dat wel een kwartje deed vallen bij hem, dat hij iets beter begreep dat er iets met me aan de hand is, dat ik dus gewoon echt iets heb.
Hij wil graag dat ik hem naar school breng. Als ik hem breng kan hij een half uur later de deur uit, maar sta ik drie kwartier in de file om daarna weer thuis te komen. Normaal als ik werk kom ik langs zijn school. En ja, ‘nu doe ik toch niks’ dus dan kan ik hem toch wel brengen? Maar ik merk dat het een verkeerd begin van de dag is op dit moment. Ik hoop dat de woorden die ik vanochtend wist te vinden hem iets beter doen begrijpen dat ik niet gewoon lui ben of niet wil.

Daarbij zijn er natuurlijk volksstammen mensen van 13 jaar die lang onderweg zijn naar school, sus ik mezelf.

Ik voel me alsof ik in niemandsland leef. Probeer de rust die ik de eerste weken wel af en toe vond weer terug te vinden. Goeie nieuws is dat ik wel wat beter slaap. Ga eerder naar bed, neem melatonine en luister een luisterboek. Ik denk dat ik dan binnen een half uur slaap. Pure winst. En als ik Joris naar school heb geholpen duik ik er ook weer even in en mag slapen tot ik wakker word.

16 januari 2015, 11:30 uur

Ik lees net terug wat ik gister schreef en moet daar wel ook bij vertellen dat diezelfde zoon die maakt dat ik me soms heel schuldig voel, ook maakt dat ik vrolijk word als ik aan hem denk. Die onstuitbare positieve kinderenergie die hij gewoon bij zich heeft, waar hij niets voor hoeft te doen of te laten, is ook juist één van de dingen waar ik me heel erg aan vasthou en me aan kan laven. Waar ik energie uit put, waar ik van geniet, gewoon door te kijken en te luisteren terwijl hij (zonder dat hij het in de gaten heeft) een compleet toneelstuk opvoert inclusief zang en dans als ik hem vraag naar zijn schooldag. Hilarisch omdat hij 13 is en net in de leeftijd tussen schattig en stoer.
En kinderen zijn soms vermoeiend, maar ze zijn ook vertrouwd, we kennen elkaar, kunnen onszelf zijn bij elkaar, zij kennen mijn grenzen en ik die van hen.

20 januari 2015, 17:30 uur

Vandaag op weg gegaan naar Hilversum om de bedrijfsarts te zien, maar ik reed verkeerd, de route die ik al tien jaar lang vijf keer per week rijd… Mijn hersens werken echt absoluut niet normaal. Ik raakte zo van de kaart, lees: in paniek, dat ik langs de weg ben gaan staan en huilend de arts heb gebeld dat ik onderweg was, maar verdwaald. Ik voelde me zo stom, zo schuldig en zo een aanstelster. Die ene afspraak, en het is me teveel. Gelukkig reageerde ze heel erg lief, ze zei dat ik adem moest halen, tot rust komen en rustig moest terugrijden naar huis. De afspraak was helemaal niet belangrijk, die konden we rustig opnieuw maken. Haar vriendelijkheid raakte me zo, dat ik zeker een half uur langs de weg heb zitten huilen zoals ik deed toen ik klein was. Wat is er in godsnaam met me aan de hand. Wat is er gebeurd, hoe ben ik hier terecht gekomen?


Alle afleveringen van het Burn-out Dagboek vind je hier.

Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.

28 DECEMBER 2014, 14:00 uur

He wit papier…dat is lang geleden. Dat komt omdat ik lange tijd helemaal geen tijd had voor wit papier. Maar nu heb ik tijd genoeg, zeeën van tijd. Ik zit nu namelijk al een tijdje thuis. En dat bedoel ik letterlijk. Ik zit.

Ik ben ingestort of zoals dat in goed Engels heet: opgebrand.

In eerste instantie had ik het niet eens in de gaten, ik had wel al weken koppijn achter mijn ogen, sliep slecht, moe, moe, moe, mijn hoofd was een vergiet geworden en ik kon eigenlijk alleen nog maar huilen. Niks wat een weekje bijslapen niet zou kunnen oplossen dacht ik. Sterker nog, dat is wat ik tegen mijn manager zei toen ze me vroeg of het nog wel ging. Dat ze dat vroeg had waarschijnlijk alles te maken met het feit dat ik in huilen uitbarstte toen het papier in de printer op bleek te zijn.

Ze zei resoluut: blijf jij maar eens een week thuis. Het liefst had ik haar omhelst, eindelijk bijkomen.

Vanaf dat moment gaat het in plaats van langzaam beter alleen maar heel erg snel slechter.
Daar zit ik dan, lekker thuis, precies wat ik me al maanden wens, en: ik voel me schuldig, alsof ik het lekker voor elkaar heb, iedereen heel gewiekst in de maling heb genomen zodat ik eindelijk thuis mag blijven.

Wat een verdriet komt er ook los, pffffff.

3 JANUARI 2015, 03:45 uur

Vandaag ben ik precies een maand thuis. Een hele maand. En ik voel me klote. Voel me schuldig. Probeer het los te laten maar dat lukt maar mondjesmaat. Ik weet ook niet hoe ik me zou moeten voelen. Misschien is wat ik voel en meemaak wel helemaal niet erg genoeg om thuis te ‘mogen’ zijn.

Zolang ik in mijn eigen kleine wereld ben gaat het wel. Als ik met Jamal mee ga boodschappen doen gaat het ook wel goed.  Als collega’s berichtjes sturen om te vragen hoe het gaat dan krijg ik een zweetuitbarsting, en verder doe ik werkelijk niets zinnigs de hele dag. Het lukt gewoon niet. Ik probeer me daar dus niet schuldig over te voelen, ook op advies van de bedrijfsarts. De opdracht was: accepteren dat het even niet gaat en niet steeds over oplossingen na denken.

Dat ik op dit punt terecht ben gekomen kan ik verstandelijk heel goed beredeneren, ik kan het alleen niet oplossen met beredeneren en dat vind ik moeilijk. Daar zit dus een groot ding: m’n hoofd heeft het blijkbaar veel te veel overgenomen van m’n gevoel de laatste jaren.

Ik weet nog wel wie ik ooit was, maar ik ben diegene al best een tijd kwijt. De laatste week lijkt ze wel héél soms om de hoek te komen kijken, dat wel. Dat maakt me hoopvol maar ook verdrietig.
Gister had ik vlak voor ik echt wakker werd een soort gevoel in mijn lijf, heel even, een glimp, en ik lag er half wakend, half slapend over na te denken. Wat was dat voor gevoel dat ik daar een paar seconden voelde? En na een tijdje peinzen wist ik het ineens. Zo voel ik me als ik me goed voel. Ik koesterde het tot ik echt wakker werd, maar daarna maakte het me intens verdrietig.
Want hoe lang geleden is het dat ik me zo voelde.



Ik heb over anderhalve week weer een afspraak bij de bedrijfsarts.
Maar omdat ik thuis best wel functioneer, en ook, zolang ik een vertrouwd iemand bij me heb, best af en toe een beetje sociaal kan doen, vraag ik me af of ik dan niet ook gewoon wel weer aan het werk kan. Tegelijkertijd krijg ik hartkloppingen als ik daaraan denk. Maar wat dan?
Is het echt zo dat tijd en rust geoorloofd is? Dat dat mag, sterker nog dat dat nodig is?
Ik merk dat ik moet uitkijken dat ik niet alleen maar de dagen aan het tellen ben tot de volgende afspraak bij de bedrijfsarts, een soort opgejaagd gevoel.

Oh en ik ben soms gewoon bijna blij met mijn bizarre vergeetachtigheid, het is namelijk voor mij een keihard bewijs dat er echt, echt, echt iets aan de hand is en ik me niet alleen maar aan zit te stellen. Ik heb namelijk normaal gesproken een ijzersterk geheugen

5 JANUARI 2015, 17.00 uur

Ik las een stuk over cortisol en adrenaline in verband met BO. In het kort stond er dat als je stress ervaart, je lichaam in eerste instantie adrenaline aanmaakt om je op scherp te zetten, alert te houden. Als de stress langduriger is dan gaat je lichaam cortisol aanmaken om de staat van alertheid vol te kunnen houden, zodat je met de druk kunt blijven omgaan. Maar als je langdurige stress ervaart dan put het aanmaken van cortisol je lichaam uit, het gevolg is chronische stress, en dat kan weer leiden tot een burn-out.

Dat kwam wel even binnen. Het is dus ook echt iets lichamelijks! Ik ben denk ik al een jaar of…ehm…18 op hoog niveau aan het leven. Zowel positief als negatief. Het is dus gewoon op, de balans is eruit.

Maar ik weet niet beter dus weet ook niet hoe ik het dan nu wel moet gaan doen.

Mijn grote dilemma is: ik moet niets meer moeten, want moeten is stress. Maar ik moet wel aardig zijn voor mezelf en dingen loslaten. Dat lees ik overal. Ok.

Aardig zijn en dingen loslaten betekent dat ik heel erg laat ga slapen want ik ben van nature een nachtmens. Het betekent ook dat ik te weinig beweeg want ik moet er niet aan denken om te wandelen, fietsen, rennen, sporten of zoiets gezonds. Ik rook ook nog eens en gezond eten laat de laatste weken ook te wensen over.
Wat ik nu doe is dus allemaal heel erg slecht. En dat mag niet want bewegen, gezond eten en een netjes ritme zijn nummer 1,2 en 3 als het gaat om beter worden, ook dat lees ik overal.

Maar ik moet alles toch juist loslaten en niet teveel moeten van mezelf?

Ik kom er echt niet uit. Daar moet ik het dan maar met de bedrijfsarts over hebben volgende keer.

Het goeie nieuws: vandaag had ik voor het eerst de behoefte om naar buiten te gaan en te lopen en dat heb ik ook gedaan. Ik heb een half uurtje gewandeld en meteen fruit gehaald bij de supermarkt. Misschien komt het vanzelf wel weer? En is het niet zo slecht om het echt allemaal even te laten gaan zoals het gaat? Ik vraag me af of anderen zich ook schuldig voelen over dit soort dingen, dat anderen ook denken: dit is slecht en werkt averechts en toch wil ik het? Is dit gewoon een standaard fase?


Alle afleveringen van het Burn-out Dagboek vind je hier.

Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.


De afgelopen weken heb ik, eigenlijk net als jij, meegelezen met het dagboek dat al vier jaar ongelezen op de harde schijf van mijn computer stond. Elke week als ik een deel moest aanleveren bij Janke las ik een stukje verder, verbeterde ik hier en daar wat, maakte er een tekeningetje bij en stuurde het in. Wat een verhaal.

Een belangrijk verhaal om te delen dacht ik voordat ik het besluit nam om het te publiceren. Want herkenning is zo fijn als je te maken krijgt met narigheid in je leven. Als je niet weet wat je overkomt. Of het ooit over zal gaan. Of het ooit beter zal worden.

Ik wilde niets liever dan dat er iemand mee zou lezen die er echt iets aan zou hebben. Die er troost of hoop uit zou kunnen halen. Al is er maar één iemand die zich een klein beetje beter voelt door het lezen van mijn verhaal.

Wat een supersaai en oninteressant verhaal, dacht ik toen ik eenmaal een paar weken bezig was met publiceren. Pijnlijk ook om te lezen. Hoe ik aan het struggelen was. Hoe ik geen clou had. De wanhoop die ik weer voelde terwijl ik meelas was…pittig. En de plaatsvervangende schaamte ook. Een eindeloos relaas over moeheid. Over kleine stapjes. Over het wiel steeds weer opnieuw uitvinden. ‘Wie zit hierop te wachten’ werd mijn overheersende gevoel.

Maar zelfs toen heb ik er niet over gedacht om te stoppen met het wekelijks aanleveren van een herhaling van het deel van de week ervoor, en de week daarvoor. Een burn-out is nu eenmaal nogal een traag proces, dat blijkt. Pas de laatste drie delen begon ik het meelezen met mezelf weer leuk te vinden. Pas toen de oplossingen begonnen te komen. Toen er echte stappen werden gezet. Toen ik de nieuwe ik een beetje tevoorschijn zag komen.

Ik eindig het laatste deel met de woorden dat ik ervan uit ging dat het opnieuw opbouwen van mijn reserves nog wel een jaar zou duren. Dat was optimistisch. Sterker nog, ik denk dat de reservetank nooit meer helemaal optimaal is geworden. Maar het leven? Dat zeker wel!

De baan waar ik het over had in mijn dagboek, die heb ik niet meer. Ik ben gaan freelancen, vond dat toch wel heftig, dus werk nu weer twee dagen in vaste dienst en doe daarnaast zoveel mogelijk dingen waar ik blij van word. Tekenen, schrijven, dromen en leuke plannen voor de toekomst bedenken. Ik ben een gelukkig mens, gelukkiger dan ik ooit ben geweest.

Als ik nu terugdenk aan mezelf van voor de burn-out dan denk ik aan een tijd waar ik nooit meer wil zijn. Een horrorversie van mijn binnenste. Haast, haast, haast. Moe, moe, moe. Reageren in plaats van sturen. Het leven overkwam me. Leven voelde als overleven.

En dat is wat de burn-out mij heeft gebracht: een leven. Een leven waarin ik helemaal opnieuw heb moeten ontdekken wie ik ben, wat ik wil, waar ik wel wil zijn en waar niet.

En de burn-out was streng doch rechtvaardig.

Ik knalde naar 0 en moest al oefenend, stuntelend, vallend en opstaand een nieuwe weg vinden. Een onbekende weg, op voor mij onbekend terrein. Niemand die me kon vertellen hoe ik moest lopen, want het moest mijn eigen weg zijn. Mijn eigen route. En dat was doodeng, want er waren geen garanties dat ik op de goede route terecht zou komen. Ik had mezelf naar deze plek gemanoeuvreerd, hoe kreeg ik, of all people, mezelf er dan ooit weer uit? De angst dat het nooit meer goed zou komen was afschuwelijk.

Maar…als je dan voor het eerst een klein paadje inslaat, een klein stapje zet dat goed voelt, lekker voelt, je geen energie kost, maar energie geeft…dan is dat van zo’n allesomvattende schoonheid. Dat eerste glimpje hoop. Als een heel klein vuurtje dat je nooit meer wil laten doven.

Dat hele kleine eerste vlammetje is daarna nog vaak genoeg uitgedoofd, doordat ik te hard blies, te zacht blies, vergat te blazen. Maar oefening baart kunst. En ik vlam weer. Niet als tevoren, nooit meer als tevoren, alsjeblieft niet. Ik vlam beter dan ooit.

Ik doe niet meer aan overleven. Ik leef. Voluit.

Dank je wel voor het meelezen de afgelopen weken, ik hoop dat er toch die ene persoon is geweest die hoop of troost heeft kunnen putten uit mijn verhaal. Misschien nog meer nu je weet dat het goed afloopt en het leven echt beter is geworden. Ik zou het ontzettend leuk vinden om er iets over te horen. Kun je geen genoeg van me krijgen kijk dan eens op Instagram: @elkedagdicht !


Alle afleveringen van het Burn-out Dagboek vind je hier.


Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.


Hieronder het laatste deel van het dagboek dat ik vier jaar geleden bijhield. Hoe beter het met me ging, hoe minder ik de behoefte had dat op te schrijven. Zo gaan die dingen. Volgende week blik ik terug en denk ik diep na over wat de burn-out me gebracht en/of gekost heeft. Als ik denk aan hoe de vrouw die ik was voordat ik neerging in het leven stond dan weet ik een ding zeker: daar wil ik nooit meer zijn. Waarom niet en waar ik dan nu sta, dat vertel ik je volgende week in de allerlaatste aflevering.

18-01-2016

Ik heb griep. Ik ben echt ziek. Maar voordat ik doorhad dat ik echt ziek ben en het geen terugval in mijn burn-out is, was ik zeker drie paniekaanvallen verder. Ik ben zo opgelucht dat ik ziek blijk te zijn, en dat het heerst en dat heel veel mensen er nu last van hebben. Daar schrik ik dus van, van hoe bang ik ben geworden voor ‘hoe ik me voel’ en hoe bang ik ben dat het weer achteruit zal gaan. Dat ik te snel ga, dat ik niet in de gaten heb dat ik weer in oude valkuilen stap omdat ik ze misschien echt niet herken.

Ik wil me niet weer zo gaan voelen als een jaar geleden.

Ik vond het ook heel erg moeilijk om me ziek te melden vandaag, net nu ik weer een beetje op stoom lijk te komen. Ik durfde het haast niet. Alsof ik me aanstel, de kantjes ervan af loop, het er weer eens lekker van wil nemen. Bizar. Wat een kloterig gedoe is dat toch de hele tijd. Wat een gevecht met…mezelf. Niemand om me heen denkt dat ik ‘het er lekker van wil nemen’, waarom denk ik dat soort dingen toch de hele tijd.

Maar hoera, ik voel me echt belabberd, van griep dus. En zoals dat gaat in het leven: ik had een kinderverjaardag te vieren. Een waarvan ik me heilig had voorgenomen om hem dit jaar weer echt voluit te vieren. Omdat mijn zoon het verdient na al die tijd geleefd te hebben met een moeder die moe, moe, moe is. Ik voel me als moeder zo ontzettend tekortschieten af en toe. Natuurlijk doe ik mijn best, maar dat maakt het niet leuker voor de kids. Ik heb mezelf volgepropt met paracetamol en we hebben de verjaardag gevierd. Met heel veel visite, met heel veel taart en heel veel eten. Dat was ondenkbaar een jaar geleden. Hoera.

01-03-2016

Het is alweer bijna twee maanden geleden dat ik hier schreef. Dat is een goed teken. Ik ben weer aan het leven.

Het gaat goed. Ik zit weer op mijn volle uren op het werk. En ik ben veranderd.

Voorheen kon ik negatieve gebeurtenissen weg relativeren als een pro, maar dat kan en wil ik niet meer. Dus ik bots vaker met mensen, en ook harder. Een heel gek gevoel voor mij. Ik laat niets meer aan me voorbijglijden, ik neem stelling, reken af en ga dan pas door. Ik wil confrontaties niet meer uit de weg gaan, ik wil niet thuis, in mijn hoofd nog weken verder discussiëren met mensen. Dan knal ik maar liever flink, hoewel dat in de praktijk heel vaak hartstikke meevalt. Oefening baart kunst, en de emotionele boekhouding blijft lekker bij.

Ook thuis begin ik langzaam mijn draai weer te vinden. Nu ik niet meer bezig ben met werkuren opbouwen merk ik dat ik stapje voor stapje weer activiteiten onderneem zonder er al te veel bij na te denken. Ik verheug me ook weer op dingen. Op de lente bijvoorbeeld, ik ben ervan overtuigd dat het mooie weer me dat laatste zetje positieve energie gaat geven. Ik heb geaccepteerd dat het nog minstens een jaar zal duren voordat ik weer een beetje reserve opgebouwd zal hebben. Tot die tijd is het grenzen opzoeken, tegenkomen, aangeven en bewaken.

Een ding is duidelijk: ik kom anders uit mijn burn-out dan ik erin ging.


Alle afleveringen van het Burn-out Dagboek vind je hier.

Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.


5-12-2015

Terugvallen na emotioneel zware momenten, het er toch weer uit klauteren en dan daarna elke keer ook weer terugvallen.

Ik raak zo gefrustreerd van dit patroon. Moedeloos ook soms.
En toch, en toch, ga ik in de lange lijn wel omhoog. Alsof ik op elk nieuw level weer nieuwe, of juist oude, zooi moet doorwerken. Steeds weer opnieuw dat vlaggetje veroveren en huppakee: volgende level vol hobbels.

Zoals de bedrijfsarts me verteld heeft weet ik dat het bijvullen van mijn reservetank echt pas op het allerlaatst in zicht komt, dat probeer ik heel erg te accepteren. Ik heb geen reserve, en rij voorlopig rond met net te weinig benzine. Ik ben zoveel energie kwijt met werk opbouw dat mijn huis niet meer is dan een bijtank hol. Het gezellig maken lijkt iets uit een vorig leven.

Dit alles begint me enorm tegen te staan. En aan de ene kant raak ik daar enorm gefrustreerd en verdrietig van. Aan de andere kant probeer ik te bedenken dat het misschien een goed teken is dat ik dat voel want dat betekent misschien dat dat de volgende stap wordt. Dat ik daar in het volgende level weer oog voor krijg en wie weet op een dag echt wel iets gezelligs voor elkaar krijg. Zoals het neerzetten van een bos bloemen of het uitmesten van een la.

Ongelofelijk dat ik steeds weer opnieuw moet uitvinden wat ik ook alweer moet doen om vooruit te komen. Echt ongelofelijk. Hoe vaak kun je een wiel uitvinden??

Terwijl ik dit opschrijf denk ik: zou het misschien zo zijn, dat doordat ik dit zo vaak opnieuw moet bedenken en doen, dat het iets wordt dat ik niet meer kwijtraak? Dat dit exact is wat gaat maken dat ik eruit kom, en blijf op een dag? Deze afschuwelijke, verschrikkelijke klote herhalingsoefening?

23-12-2015

Mijn burn-out is een jaar geworden, en dat voelde heel raar. Duurt dit al een jaar?!?

En ik ga ervan uit dat het herstel ook nog zeker die periode in beslag zal nemen. Met mijn verstand dan, de rest van mijn hele wezen heeft daar moeite mee.

Het gaat een beetje gek met me. Ik voelde me een paar weken echt goed, van binnen dan, ik was nog wel moe halverwege de dag, maar ik kwam weer een beetje in de richting van mijn oude zelf. Had een paar hele zware weken achter de rug met veel gedoe op werk. Toen dat opgelost was en ik me weer gewoon lekker voelde daar leek het wel alsof ik vleugels kreeg. Heel leuk om te voelen en ik genoot er ook intens van.
Maar nu heb ik vakantie en ben ik moe, en op en huilerig en zit ik niet lekker in mijn vel. Ik snap wel hoe het komt, maar ik weet niet zo goed hoe ik het anders moet doen.

Ik ga blijkbaar te snel op mijn werk doordat ik zo geniet van dat ik weer iets kan en daar zo blij van word, dat ik doorschiet. En dat moet ik afleren. Zoals ik het heb moeten afleren om constant sociaal bezig te zijn, moet ik nu blijkbaar leren dat ik niet ‘manisch’ moet worden als ik me vol in mijn werk stort ofzo. Maar zo ben ik nou juist, ik hou van mijn werk en ben er goed in en dat gevoel is zo lekker. Ik denk dat dit mijn valkuil is. Ik wil het goed doen, beter doen, best doen. En daar krijg ik energie van, maar ondertussen put het me ook uit. Denk ik.

Geen idee hoe ik hier dan weer een weg in moet vinden want het gevoel van willen ‘shinen’ is zo sterk en zo met mij verweven dat ik benieuwd ben of ik dat kan afleren.
Best wel een beetje gênant om te ontdekken dat ik wil vlammen en dat ik graag heb dat mensen dat zien, op werk dan he. Maar ik denk dat het zien en benoemen stap 1 is om het af te leren.

Of moet ik dat helemaal niet afleren? Heb ik gewoon de energie nog niet en komt dat wel weer. Of is het precies dit gedrag dat me hier gebracht heeft. Maandag heb ik een afspraak met een coach die ik vanuit werk aangeboden heb gekregen, dus ik weet waar we het over moeten hebben.

Maar het is ronduit klote om op een verjaardag binnen te komen en alleen maar te willen huilen eigenlijk, en dus de hele tijd alleen maar bezig zijn met tranen wegslikken en bijten. Dat was lang geleden. Dat wil ik niet meer.

24-12-2015

Dit is wat ik denk ik moet gaan leren in dit level: stilletjes genieten, in plaats van als een stuiterbal over de afdeling op mijn werk te gaan roeptoeteren hoe blij ik wel niet ben, hardop of in mezelf. Ik schiet absoluut door en voel ook dat dat me veel kost. Maar misschien is het wel onbegonnen werk want ik ben niet gewend om gelijkmatig en kalm te zijn. Maar als het me wel lukt, zoals in sociale situaties, voelt het wel fijn. Als een soort energie die ik bij me houd en koester van binnen. Een kacheltje dat brandt.
Ik ben denk ik een alles of niks persoon op vele gebieden. Lastig.

Half uur later

Ik zit nog eens na te denken over opwinding, positief dan wel negatief. Dat ze allebei niet zo goed zijn voor me. Ik had dat nooit eerder zo bedacht. Ik word verdrietig van het idee dat ik misschien voorgoed afscheid moet nemen van mijn hypere kant. Van mijn oude zelf.

Ik ga er de komende tijd maar mee oefenen. Wel heel erg blij zijn, en dat er vervolgens niet uit gooien maar er cool en relaxed van genieten, in relatieve stilte.

29-12-2015

Kerst is weer geweest en ik kon het redelijk aan. Merkte wel op een gegeven moment tijdens het kerstdiner met familie dat ik op huilen stond, tijd om weg te gaan dus. Nu het achter de rug is ben ik helemaal gesloopt. Een week vakantie, met kinderen en op zich relaxte dingen, is toch nog heel veel. Nu ben ik op mijn werk en ik vind het heerlijk, gewoon focussen en even niet sociaal hoeven zijn.


Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.