Categorie

Inspiratie

Categorie

17 mei 2015

De vakantie was heerlijk. De vertrek stress was eigenlijk teveel. Maar ook mijn vriend moest bergen verzetten die laatste dag dus we waren ongeveer net zo gaar. Dat kwam natuurlijk door het ‘leuke’ last minute aspect van het geheel. Maar goed. Het bijzondere van deze vakantie was dat ik een dikke week zonder ‘regels’ heb geleefd. Geslapen wanneer ik moe was, dingen gedaan wanneer ik er zin in had. Niet bezig geweest met wat er de volgende dag moest, of de dag erna. De tijd speelde even helemaal geen rol en daardoor viel er een boel stress als vanzelf weg.

En nu, nu ik weer thuis ben, moet ik echt opnieuw bedenken hoe ik ook alweer leef op dit moment. Heb geen goede connectie met mijn burn-out status. Geen idee hoe moe ik ben, of niet. Vreemde gewaarwording.


Deze week moet ik weer 2×4 uur werken en ga daarnaast nog naar een vergadering waar ik graag bij wil zijn morgen. Drie keer op en neer naar het werk zal wel duidelijker maken hoe het ermee staat. Ik laat het maar even gaan zoals het gaat en doe vandaag al de hele dag ouderwets niets.

19 mei 2015


Ik was weer bij de bedrijfsarts en we hadden het over stress. En dan vooral: hoe weet je wanneer je te veel stress hebt. Ze zei daar iets heel zinnigs over waar ik me aan vast kan houden als ik niet weet of de stress die ik ervaar erbij hoort of te veel is. Het was zo: Iemand is aan het trainen voor een marathon (= weer gewoon kunnen werken). Daarmee begint diegene vanaf punt 0 ongeveer, anderhalf jaar van te voren.
Als je de marathonloper in spe na een paar weken training vraagt: Hoe voel je je?
Dan zal die zeggen: Ellendig, alles doet pijn en ik zie het soms helemaal niet meer zitten, ik ga het nooit redden.
Dat betekent dan dus niet dat het niet goed gaat, want die pijn hoort erbij, en als je het grotere plaatje bekijkt is de loper juist prima op schema.

Het is logisch dat de marathonloper spierpijn heeft en het soms niet meer ziet zitten. En zo is het dus ook als je uit een burn-out wil kruipen. Het doet pijn om je ‘spieren’ weer op te rekken, en dat doet soms pijn. Dat hoort erbij. Je rekt jezelf steeds iets verder op, en wat eerst pijn deed, doet een week later helemaal geen pijn meer.
Maar wanneer is het dan echt niet goed of wel te veel?

Daarover zei ze dat het normaal is om je op de dag dat je werkzaamheden doet heel erg moe te voelen, en er kapot van te zijn. De dag erna zou dat wel over moeten zijn.

Hier ga ik me vanaf nu ernstig aan vast houden. Want ik wil rekken, ik wil strekken, ik wil!

21 mei 2019


Klote Burn-Out
Klote moeheid
Klote beperkte rekbaarheid
Klote tijd die het duurt
Klote je groothouden
Klote tranen
Klote hersenpan die niet zo snel gaat als ik wil
Klote er steeds weer opnieuw achter komen dat het echt zo is

Ik weet niet of het opvalt maar ik heb een klotedag. Kom grenzen tegen en dat is logisch en hoort erbij, dat weet ik, maar ik ben er helemaal klaar mee. Ik ben boos. En verdrietig. En teleurgesteld. En moe. En ik ben er wel even helemaal klaar mee, alleen die stomme burn-out is er nog niet klaar mee.

22 mei 2015

Heb gister de sluizen even flink opengezet. Was het echt zo zat. Moest helemaal opnieuw voor mezelf nagaan of ik wel echt overspannen ben en het mezelf niet ‘lekker’ heb laten gebeuren. Ik wilde toch al maanden een tijdje vrij, dat leek me zo heerlijk, nou dat is gelukt kunnen we stellen.
Ik heb mijn hele ‘lekker net doen alsof ik een burn-out heb’-theorie eruit gegooid (geschreeuwd) tegen Jamal.

En moest toen uiteindelijk zelf de conclusie trekken dat ik het echt, echt, echt niet heb verzonnen.
Wat ontzettend onaardig tegen mezelf, wat ontzettend ondermijnend en wat ontzettend hard.

Ik was op mijn werk al zo verdrietig. Mijn leidinggevende begon vragen te stellen waar ik me ook niet beter door voelde. Of ik wel blij was met mijn werk, of mijn talenten wel genoeg ruimte krijgen, of ik niet ongelukkig werd van mijn werk. Ik begin de laatste tijd juist weer te genieten van de uren dat ik werk. Voel me gesteund, voel dat ik het nog kan, dat mijn werk prima is. Eindelijk kwam daar wat rust, en dan deze vragen.

Het deed wat met me en ik was al moe van de eerste week 3 keer werken.
Ze bedoelde het geloof ik wel opbouwend, ze willen me niet kwijt, en ik kon ook oprecht zeggen dat ik juist steeds meer weer ga genieten van wat ik doe. Maar het was wel confronterend.

Thuisgekomen dacht ik even te ontspannen met een aflevering van ‘Mijn Leven In Puin’. Het ging over een vrouw die niets weg kon gooien omdat al haar spullen van overleden dierbaren waren, ze kon ze niet loslaten.

Dat raakte dat me zo dat de tranen over mijn wangen begonnen te stromen en niet meer ophielden.
Het huis is hier geen puinzooi, maar ik herkende zoveel in haar verdriet, in het moeten loslaten maar niet helemaal kunnen. Ik dacht ineens: haar huis is misschien wel mijn binnenste.

Tijd om mijn hoofd een beetje te gaan ordenen dus. Net als het huis in het programma. Met een stappenplan, op een groot vel papier. Overzicht. De knelpunten en de oplossingen.
Ik heb papier gepakt en de dingen die ik zat ben, die ik anders wil heb ik aan de ene kant gezet, waar ik heen wil aan de andere kant. Ertussen drie kolommen met stappen die ik kan zetten om van de ene naar de andere kant te komen. Kleine en dus haalbare stappen.


Alle afleveringen van het Burn-out Dagboek vind je hier.

Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.

20 april 2015

Los van alle andere ellende, lijkt het wel alsof mijn haar ook leidt onder de situatie. Het valt uit en is futloos. Ik krijg de neiging om de haren in de borstel ’s ochtend te tellen. Eng. Ik droom ook dat al mijn haar uitvalt.

Verder worstel ik met het loslaten van dingen. Ik merk ik dat als ik me even wat beter voel dat ik dan heel erg probeer om dat gevoel vast te houden.
Maar: vasthouden is het tegenovergestelde van loslaten en dus werkt het, ben ik bang, averechts. Het goede gevoel is niet iets dat ik kan forceren en ik denk dat dat juist één van de grote lessen is op dit moment. Ik kan mijn gevoel niet dwingen in de richting die mij het beste uitkomt. Het moet er zijn vanuit de basis, vanuit mijn manier van in het leven staan en met de dingen omgaan. Daar zou een goed gevoel het resultaat van moeten zijn. Het moet niet iets zijn dat ik dwangmatig probeer te vangen en vast te houden.

26 april 2015

Ik heb een mooie tip van iemand opgepikt die me als ik op het werk ben, nu 2 x 4 uur, heel erg goed helpt om mijn rust te bewaren, en mij in mijn nieuwe hier en nu te houden. Ik denk gewoon af en toe even aan mijn moestuintje thuis en aan mijn tuin die steeds leuker wordt. Aan andere dingen die er op dit moment ook zijn. Die me vrolijk maken, me energie geven.
Werk is werk, niet mijn leven.
Die balans was ook echt wel een beetje zoek geraakt. In mijn scheiding een paar jaar geleden, was werk een soort veilige, fijne haven geworden. En nu wordt het tijd om dat weer om te draaien. Werk is werk, thuis is mijn fijne thuishaven. Maar blijkbaar heb ik nogal moeite met dit proces.


Een ander ding waar ik heel erg mee worstel zijn sociale dingen. Ik doe op mijn werk nu een hele suffe maar hele effectieve oefening:
Als er mensen bij elkaar zitten te kletsen, en dat gebeurt nogal eens, dan mag ik er niet als de kippen bij zijn. Ik moet er gewoon langslopen. Klinkt simpel.  Maar ongelofelijk wat dat doet met me.
Normaal gesproken zou ik er midden in ploffen en zeggen: waar hebben jullie het over?
Nu moet ik mijn nieuwsgierigheid en mijn diepgewortelde verlangen/neiging om ‘erbij te willen horen’ los laten. Ik kan je vertellen: een bevrijding op het moment zelf. Het is in mijn mindere en somberder momenten dat ik er een beetje bang en angstig van word.
En dan moet ik mezelf toespreken: ik ben daar omdat ik goed ben in mijn werk en dat is genoeg om erbij te horen. Ik hoef geen show op te voeren. Dat gaat diep dus ik heb een aardige kluif aan mezelf op het moment.

6 mei 2015

Het gaat, oh wat een verrassing, op en neer. Nu weer even goed, sinds ik mezelf wederom heb toegesproken dat het nog best heel lang gaat duren voor ik weer ‘normaal’ ben. Dat helpt. Werk nu dus 2×4. De eerste week, vorige week, was ik er wel echt moe van. En ik blijf dan maar denken dat ik een knop om zou moeten kunnen zetten. Valkuil nummer 1. Maar ik kan me gewoon zo slecht voorstellen dat een uurtje meer echt een effect kan hebben.

Ik doe er zelf ook best wel ‘grappig’ maar eigenlijk laatdunkend over. En dat is niet goed. Het wil er maar niet in dat ik niet oneindig rekbaar ben. Maar eigenlijk moet ik zeggen: dat ik niet meer oneindig rekbaar WIL zijn.
Ik heb dagen dat ik niets doe en dan bedoel ik ook echt: niets. Maar daartegen over staan dan weer dagen dat ik lekker bezig ben en doe wat ik moet doen of doe waar ik blij van word. Er begint langzaam een besef te komen dat ik beter moet balansen. Een druk ding en dan even rust. Ik word daar heel erg verdrietig van op de één of andere manier, maar tegelijkertijd, voel ik me er rustiger door.
Dus: op en neer, heen en weer.

8 mei 2015

De burn-out goed willen ‘doen’: check.
Vooral schrijven als ik me iets beter voel: check.
Denken dat ik hier heel veel van moet leren en een zen-versie van mezelf MOET ontwikkelen: check.
Rationeel alles de hele tijd ordenen: check

Als ik bovenstaande checklist bekijk denk ik: ik doe eigenlijk precies dat wat ik deed wat me in die burn-out deed belanden. Maar wat ik onderweg wel leer, is dat als ik bovenstaande allemaal doe, ik me langzaam steeds kloteriger ga voelen en elke keer als ik het weer (echt diep van binnen) loslaat dat het dan binnen een minuut prettiger voelt en binnen een dag beter gaat.
Ik denk dus dat dat is wat ik hieruit zal moeten meenemen.

Ik voel me nu al drie dagen echt lekker, dat ik af en toe denk: ‘ik voel me echt lekker’.
En dan begint de energie op te bouwen, maar niet van het rustige betrouwbare soort maar meer een soort bruisende borrelende manische vorm. En nu denk ik steeds: hoe krijg ik dat in het gareel, hoe kan ik dat ‘naar beneden duwen’ zodat ik het niet in één vlaag uitgeef maar een beetje spaar en gespreid kan doseren en dus ook vasthouden. Maar dan denk ik weer: vasthouden, vasthouden? Loslaten is toch het woord…

En dan nu de voordelen van me lekker en licht manisch voelen: eergisteren bedachten vriend en ik dat we graag op vakantie zouden willen en kwamen er toen achter dat dat planmatig alleen kon als we nu gaan.
En dus vertrekken we vanavond voor een week naar een zonnig land.
Vind het wel een beetje spannend natuurlijk hoe ik het ga ‘doen’. Nu ben ik hieperdepiep maar dat kan niet goed blijven gaan.

8 mei 2015, later die dag

Ik word vandaag met mijn neus weer even flink op de BO geduwd. Leuk zo spontaan en last minute op vakantie…not.

Heb al twee keer heel hard gehuild en een aantal activiteiten gecanceld. Wat een stress in mijn lijf. Ik adem en zucht me gek en probeer steeds dingen een voor een te doen.


Alle afleveringen van het Burn-out Dagboek vind je hier.


Suzanne Muller is freelance tekstschrijver. Eind 2014 werd zij overvallen door een burn-out. Op dat moment start ze met haar burn-out dagboek. Op Het is om te Janke deelt Suzanne elke week een ongecensureerde aflevering. Suzanne woont in Amsterdam-Zuid met haar vriend Jamal en haar zoon Joris, haar volwassen dochter woont op zichzelf. Naast schrijven zet zij ook graag haar hersenspinsels om in tekeningen via Elke Dag Dicht.

Dit nummer heeft een beetje een donker randje. Ik schreef er al eens over in mijn column voor de Linda, de weduweregels. Het was het nummer wat enorm goed aangaf hoe ik me toen voelde. Of eigenlijk, hoe ik me vooral niet wilde voelen.

Dus ging ik allerlei dingen bedenken om vooral niet te hoeven voelen. Nou vond ik “high” wat heftig, maar drank ging er in die tijd prima in.

En hoewel ik het allang niet meer zo voel, heb ik toch nog steeds warme gevoelens bij dit nummer. Het herinnert me misschien niet aan mijn beste tijd, maar het geeft maar wel aan van hoe ver ik ben gekomen. En daar ben ik fukcing trots op.

Onder de video vind je, zoals gewoonlijk, weer de hele songtekst.



Stay High – Tove Lo

Staying in my play pretend
Where the fun, it got no end
Staying in my play pretend
Where the fun, it got no end
Staying in my play pretend
Where the fun, it got no end

Oohh
Can’t go home alone again
Need someone to numb the pain
Can’t go home alone again
Need someone to numb the pain
Can’t go home alone again
Need someone to numb the pain

Oohh
Staying in my play pretend
Where the fun, it got no end

Oohh
Can’t go home alone again
Need someone to numb the pain

You’re gone and I gotta stay
High all the time
To high to high all the time
To high to high all the time
To keep you off my mind

High all the time
To high to high all the time
To high to high all the time
To keep you off my mind, oohh, oohh

Staying in my play pretend
Where the fun, it got no end
Staying in my play pretend
Where the fun, it got no end
Staying in my play pretend
Where the fun, it got no end

Oohh
Can’t go home alone again
Need someone to numb the pain
Can’t go home alone again
Need someone to numb the pain
Can’t go home alone again
Need someone to numb the pain

Oohh
Staying in my play pretend
Where the fun, it got no end

Oohh
Can’t go home alone again
Need someone to numb the pain

You’re gone and I gotta stay
High all the time
To high to high all the time
To high to high all the time
To keep you off my mind

High all the time
To high to high all the time
To high to high all the time
To keep you off my mind, oohh, oohh


Janke Verhagen (37) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm georganiseerd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.

Wat is dat met mannen (en vast ook vrouwen) die gewoon nooit meer wat van zich laten horen! Vind ik behoorlijk om te janken.


Vergeet je niet te abonneren op mijn kanaal.

Janke Verhagen (37) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm georganiseerd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.

Ik wist van voren niet meer dat ik van achteren leefde. En dan letterlijk niet. Mijn moeder, die op dat moment bij ons inwoonde, moest me vertellen wanneer ik moest eten, dat ik misschien even moest gaan douchen of zelfs naar de wc moest gaan. De eerste weken na de moord op Stefan waren vooral gericht op overleven. Het organiseren van een uitvaart vond ik, op een gekke manier, bijzonder rustgevend. Het gaf me een doel die eerste dagen. Ik kon me vasthouden aan to do-lijstjes, iets waar ik op dat moment goed op functioneerde.

Tot ik op een bepaald punt het to do-lijstje had ingeruild voor mijn moeder. Enorm effectief, maar of het echt handig was?

Dus begon ik uit mezelf weer dingen te doen. Zinvolle dingen, maar ook zeker minder zinvolle dingen. Naarmate de tijd verstreek kwam er meer actie in de spreekwoordelijke taxi. Zo had ik in augustus ineens enorme bewijsdrang dat ik prima met mijn zoon alleen “even naar de Gay-pride” kon. Terwijl drukte en ik toch altijd een hele slechte combi zijn geweest. We kwamen uiteindelijk in een bak met noodweer terecht en drijfnat fietste ik met zoonlief achterop weer terug naar huis. Bewijsdrang had me vooral een nat pak opgeleverd.

Ook kwam ik steeds maar weer in de knoei met verwachtingen die ik had van mezelf en de verwachtingen die anderen van me hadden. Tenminste, dat veronderstelde ik vooral. Ik twijfelde aan alles. Mijn kwaliteiten als moeder, als dochter, als mens en zelfs aan mijn kwaliteiten als weduwe.


Ik moet vaker naar het graf. Ik moet minder lachen. Ik moet echt geen onaardige dingen zeggen, en eigenlijk ook niet denken over Stefan. Ik moet al zijn spullen bewaren. Ik moet niet zeggen dat ik eigenlijk stomdronken wil worden. Ik moet een goede moeder zijn. Ik moet gezond koken. Ik moet in therapie. Ik moet gaan werken. Ik moet zwijgen over mijn rouwlust. Ik moet al helemaal niet gaan daten.

Van al dat moeten werd ik doodmoe. Maar blijkbaar is er een norm. Een weduwe norm. En op een dag had ik geen zin meer in die norm. Ik moet helemaal niks!

Ik moet doen wat ik denk dat goed is. En als dat betekent dat we 3 keer per week macaroni met ham en kaas eten, dan is dat maar zo! Als dat betekent dat ik zoonlief naar een oppas breng zodat mama een avond in de lampen kan hangen, dan is dat maar zo! Als dat betekent dat mensen denken dat ik niet van Stefan hield omdat ik aan het daten ben, dan is dat maar zo!

Point being: Uiteindelijk ben ik gaan luisteren naar mijn eigen gevoel en naar mijn eigen behoeften. En dat werkte voor mij. Ook al joeg ik mensen daarmee tegen het harnas in. Jammer.

Of al die keuzes en al dat geluister naar mijn eigen gevoel altijd slim is geweest, weet ik niet. En weet je wat mooi is? Dat maakt dus ook helemaal geen fluit uit. Want het was op dat moment de juiste keuze.

Een voorbeeld: Binnen 6 maanden na de dood van Stefan ben ik een meneer tegen het lijf getinderd op wie ik hopeloos verliefd werd. Althans dat dacht ik toen, de waarheid is eerlijk gezegd dat ik gewoon niet zo heel goed alleen kon zijn en mijn kapotte gezin wilde fixen. Een niet zo’n fraaie waarheid, maar toch de waarheid. In mijn staat van totale verstandsverbijstering leek het mij een ontzettend goed idee om een huis bij deze meneer in de buurt te kopen. Zogezegd, zo gedaan! Huis in Amsterdam verkocht, huis in Almere gekocht. Lekker praktisch. Vragen van familie en vrienden over mijn redenen om juist in Almere te gaan wonen, pareerde ik vakkundig met steekhoudende argumenten. (Weliswaar niet de werkelijke, maar ik ging heus niet toegeven dat ik voor meneer X een huis ging kopen.) Zelfs op de directe vraag: “Zeg, je doet dit toch niet voor meneer X?” reageerde ik quasi verbouwereerd. “Nou zeg, wat denk je wel niet!”

Enfin, meneer X en ik bleken al heel snel niet echt een match en dat was dat. Eindstand: Geen meneer X, wel € 200.000 uitgegeven aan een huis.

Tsja, was het slim deze actie? Nee, vast niet! Heb ik er spijt van? Geen seconde! Het was namelijk op dat moment precies wat ik wilde en dacht nodig te hebben. En ik durf zelfs wel te beweren dat ik het echt nodig had, en het niet alleen maar dacht. Want uiteindelijk heb ik van dit hele avontuur weer enorm veel geleerd. Dingen die ik zeker anders zou doen (een bouwtechnische keuring doen bijvoorbeeld) en dingen die ik gewoon hetzelfde zou doen.

En ook hiervoor geldt: je bepaalt zelf hoe je eruit komt. Natuurlijk heb ik wel eens op de bank gezeten in Almere en mezelf stom en zielig gevonden. Wel meer dan één keer ook. Maar ik ben ook degene die er wat van gaan maken is. Ik heb een huis wat echt voelt als een thuis. Mijn zoon kan op de fiets naar oma tegenwoordig. Ik heb mijn huidige vriend hier ontmoet. En zo kan ik veel meer pluspunten opsommen dan ellendepunten. En dat is mijn verdienste. Klagen en niet in actie komen is geen optie.

Dus spijt heb ik niet. Ik heb gedaan wat ik, op dat moment, het beste achtte voor mij en mijn zoon. Toen het anders uitpakte, ben ik zelf weer in actie gekomen.

En dat, dat is nooit fout!



Janke Verhagen (37) is spreker, trainer en freelance schrijver. In 2014 kwam haar vriend, en vader van haar zoon om het leven bij een vergismoord (wat een lelijk woord is voor een persoonsverwisseling). Zij realiseerde zich al snel dat de manier waarop zij met deze situatie zou omgaan, bepalend zou zijn voor de rest van haar leven. Janke is de oprichtster van Het is om te Janke. Ze is enorm georganiseerd, pragmatisch, een tikkeltje dwangmatig en is dol op blauwe M&M’s. Humor en sarcasme zijn voor haar onlosmakelijk met het leven verbonden, net als pittige discussie.